|
stufie
onderwijskaart | stufie
aanvragen | prestatiebeurs
| studiepunten verzekering
| OV-studentenkaart | bijverdienen
| studieschuld klachten
| adressen
De
onderwijskaart en het lesgeld
Als je op 1 augustus 18 jaar of ouder bent en een BOL-voltijdopleiding
gaat doen op het MBO of het volwassenenonderwijs, heb je de
onderwijskaart nodig om je op school in te schrijven. Dit
geldt ook als je stage gaat lopen. De kaart moet je op school
inleveren. Om er zeker van te zijn dat je wordt ingeschreven,
moet je de kaart zo vroeg mogelijk gevuld en ondertekend inleveren,
liefst voor de zomervakantie. Je moet ook lesgeld betalen
om onderwijs te mogen volgen. Het bedrag daarvoor wordt ieder
jaar opnieuw vastgesteld. Ben je op 1 augustus nog geen 18
of ben je wel 18 en volg je een opleiding in het voortgezet
(speciaal) onderwijs, dan hoef je geen onderwijskaart in te
leveren. En ook geen lesgeld te betalen. Wil je iemand anders
het lesgeld laten betalen? Dan kun je een derdenmachtiging
bestellen. Die moet je met een bewijs van het rekeningnummer
van degene die het lesgeld betaalt inleveren bij school. Als
je tijdens het studiejaar met je studie stopt moet je uitgeschreven
worden op school, door middel van een bewijs van uitschrijving.
Meer info: www.ib-groep.nl
[omhoog]
Studiefinanciering:
aanvragen voor het beroepsonderwijs
Volg je een opleiding in het beroepsonderwijs en ben je tussen
de 18 en 30jaar, dan heb je recht op studiefinanciering. Met
een Aanvraagformulier kun je studiefinanciering aanvragen.
Doe dit minimaal drie maanden van te voren. Er zijn vier verschillende
pakketten mogelijk, waarvan je er één kunt kiezen. De mogelijkheden
zijn: - Basisbeurs (uitwonend of thuiswonend) + OV-studentenkaart
- Basisbeurs (uitwonend of thuiswonend)+ OV-studentenkaart
+ aanvullende beurs - Basisbeurs (uitwonend of thuiswonend)+
OV-studentenkaart + lening - Basisbeurs (uitwonend of thuiswonend)+
OV-studentenkaart + aanvullende beurs + lening. Wil je weten
hoeveel de basisbeurs bedraagt, informeer dan bij de Informatie
Beheer Groep. Of je in aanmerking komt voor een aanvullende
beurs hangt af van je woonsituatie, de hoogte van het inkomen
van je ouders en de manier waarop je verzekerd bent. Om je
basisbeurs en eventueel je aanvullende beurs verder uit te
breiden kun je bij de IBG lenen. Je mag zelf beslissen hoeveel,
maar er is een maximum. Over deze lening wordt direct na uitbetaling
rente berekend. Tijdens je studieperiode wordt het rentepercentage
elk jaar opnieuw vastgesteld.
[omhoog
Studiefinanciering:
prestatiebeurs voor hoger onderwijs
Ga je studeren aan de hogeschool of universiteit (voltijd
of deeltijd) en ben je jonger dan 30 jaar? Dan kun je studiefinanciering
krijgen in de vorm van een prestatiebeurs, een lening en een
OV-studentenkaart. Vraag drie maanden voor aanvang van je
studie de studiefinanciering aan, dan kan alles op tijd geregeld
worden. De prestatiebeurs bestaat uit een gedeelte basisbedrag
prestatiebeurs en een gedeelte aanvullende prestatiebeurs.
Voor de meeste opleidingen aan het HBO en de universiteit
kun je maximaal vier jaar prestatiebeurs krijgen. Daarna kun
je nog maximaal drie jaar lenen. Zo'n lening staat los van
je studieresultaten, maar je betaalt er wel rente over. De
rente wordt berekend vanaf de maand na uitbetaling. Gelukkig
hoef je de lening pas na je studie terug te betalen. De regels
voor de prestatiebeurs zijn niet voor iedere opleiding en
ieder studiejaar hetzelfde. Zo is bijvoorbeeld ook de duur
van de opleiding bepalend voor het aantal jaren recht op studiefinanciering.
Je kunt de presentatiebeurs aanvragen met een Aanvraagformulier
Studiefinanciering (A). Heb je nu al studiefinanciering voor
het beroeponderwijs? Dan kun je de prestatiebeurs aanvragen
met een formulier Wijzigingen student (Ws). Er is een maximum
aan het basisbedrag van de prestatiebeurs, dat iedereen die
recht heeft op studiefinanciering ontvangt. Wanneer je minder
wilt ontvangen kun je dit aangeven op het A-formulier of het
Ws-formulier. Als je hierover niets invult gaat de IBG ervan
uit dat je het maximale basisbedrag prestatiebeurs en eventueel
een aanvullende prestatiebeurs wilt. Als je een aanvullende
prestatiebeurs aanvraagt, stuurt de IBG formulieren op die
door je ouders ingevuld moeten worden. De IBG rekent aan de
hand van het inkomen van je ouders uit of je voor de aanvullende
beurs in aanmerking komt en hoeveel je krijgt. Dit duurt ongeveer
drie weken. Als je ouders weigeren inkomensgegevens te verstrekken
(dat heet weigerachtigheid), kun je een beroep doen op de
IB-Groep, die het inkomen van je ouders kan achterhalen. Wanneer
je ouders weigeren een bijdrage te leveren in de kosten van
je studie en levensonderhoud, dan kun je in een aantal gevallen
een beroep doen op de hardheidsclausule. Je kunt naast een
prestatiebeurs ook een lening krijgen bij de Informatie Beheer
Groep. Met die lening kun je de prestatiebeurs aanvullen,
maar ook na afloop van je prestatiebeurs kun je een lening
nemen om in je onderhoud te voorzien. Voor de lening gelden
maximale bedragen. De lening staat los van je studieprestaties
en het inkomen van je ouders. Vanaf de maand na uitbetaling
wordt er rente over berekend. Tijdens je studieperiode wordt
het rentepercentage ieder jaar opnieuw vastgesteld. De lening
plus rente hoef je pas na je studie terug te betalen. Een
lening kun je aanvragen via een Aanvraagformulier studiefinanciering
of eventueel later door middel van een Ws-formulier.
Meer info: www.ib-groep.nl
[omhoog]
Prestatiebeurs
Je moet presteren om studiefinanciering te krijgen. Over
het algemeen geldt dat je binnen tien jaar je diploma moet
halen. Studenten in het hoger onderwijs die voor 1 september
2004 zijn begonnen hebben een extra meetmoment. Die moeten
aan het eind van het eerste jaar minimaal 30 studiepunten
gehaald hebben (los van die termijn van tien jaar voor het
halen van het diploma).
Tip: als je vóór 1 februari van je eerste studiejaar je studiefinanciering
stopzet, hoef je de tot dan toe ontvangen prestatiebeurs niet
terug te betalen, maar dan mag je vanaf 1 februari tot het
einde van dat studiejaar geen nieuwe prestatiebeurs meer aanvragen.
Je mag overigens maar één keer gebruik maken van deze regeling.
Het tweede meetmoment is aan het einde van de diplomatermijn
(officiële duur plus twee jaar) van je studie. Als je binnen
deze termijn je diploma haalt wordt de prestatiebeurs over
het tweede, derde en vierde jaar omgezet in een gift. In deze
periode gelden geen normen voor het aantal studiepunten dat
je per jaar gehaald moet hebben.
Op het bovenstaande zijn een aantal uitzonderingen. Informeer
bij de hogeschool of universiteit, of kijk op www.ib-groep.nl
[omhoog]
Ziektekostenverzekering
Vanaf 1 januari 2006 gaat de nieuwe zorgverzekering in. Vanaf
je 18e moet je dan zelf een zorgverzekering afsluiten. Deze
nieuwe verzekering gaat waarschijnlijk ook wat invloed hebben
op de bedragen van de studiefinanciering, maar nu is dat nog
niet bekend. Voor meer informatie over de nieuwe zorgverzekering
kun je kijken op www.denieuwezorgverzekering.nl
[omhoog]
OV-studentenkaart
Bij studiefinanciering hoort een OV-studentenkaart waarmee
je gratis kunt reizen. Je kunt kiezen tussen een week- of
een weekendkaart: gedeeltelijk reis je gratis en op de andere
tijden krijg je korting. De kaart is geldig op alle binnenlandse
treinreizen die in het spoorboekje zijn opgenomen en alle
bus-, tram- en metrolijnen waar het nationaal tarief geldig
is. Je krijgt automatisch een afhaalbericht op je postadres
wanneer je recht hebt op de kaart. Op dit afhaalbericht staat
wanneer en op welk postkantoor je de OV-studentenkaart kunt
afhalen. Neem het afhaalbericht mee, net als een recente goedgelijkende
pasfoto en een geldig legitimatiebewijs. Bij het afhalen van
de kaart maak je de keuze voor een week- of een weekendkaart.
In plaats van een OV-studentenkaart kun je in sommige gevallen
kiezen voor een OV-vergoeding. Als je hierover meer informatie
wilt kun je bellen met de IB-Groep. De OV-studentenkaart valt
vanaf 1 september 1999 onder de presentatienorm. Dit betekent
dat voor de OV-studentenkaart dezelfde regels gelden als voor
de prestatiebeurs. Bij onvoldoende prestaties moet ongeveer
€ 75,- per maand worden terugbetaald, plus de berekende rente
voor de maanden dat je de OV-studentenkaart in je bezit had
of een vergoeding kreeg. Deze nieuwe regeling geldt alleen
voor studenten die op of na 1 september 1999 voor het eerst
studiefinanciering ontvingen voor een studie in het hoger
onderwijs. Heb je recht op een OV-studentenkaart en ligt die
niet op tijd op het postkantoor? Dan kun je in sommige gevallen
een schadevergoeding aanvragen. Dit moet je doen met een formulier
Vergoeding vragen OV- studentenkaart (VV). Stuur dit formulier
ingevuld terug binnen veertien dagen nadat de kaart op het
postkantoor had moeten liggen. Je kunt één keer per jaar van
kaartsoort wisselen. Hiervoor gebruik je het formulier Wijziging
OV-studentenkaart (WO), met een vergoeding van € 13,61 voor
een nieuwe kaart. Vervolgens ontvang je een afhaalbericht
waarmee je de nieuwe kaart kunt ophalen. Als je de wisselkaart
afhaalt, moet je de oude kaart inleveren. Tussen 1 mei en
1 september kun je niet van kaartsoort wisselen. Heb je in
een jaar een vervangende kaart aangevraagd, bijvoorbeeld omdat
je kaart zoekgeraakt of gestolen was? Dan kun je tot het volgende
kaartjaar niet meer van kaartsoort wisselen. Wanneer je kaart
is zoekgeraakt of gestolen, moet je een Wijzigingen OV- studentenkaart
(WO) invullen. Op het politiebureau zetten ze een stempel
op het WO-formulier. Bij diefstal kun je in plaats hiervan
ook een kopie van het proces verbaal waarin de OV-studentenkaart
wordt genoemd bij het formulier voegen. Verder moet je € 31,76
betalen. Binnen tien werkdagen na betaling ligt de vervangende
kaart dan klaar op het postkantoor. Is dit niet het geval,
dan kunnen na deze termijn de reiskosten gedeclareerd worden
bij de IB-Groep. Als je geen recht meer hebt op studiefinanciering
moet je de OV- studentenkaart inleveren. Je kaart moet je
inleveren vóór of op de vijfde werkdag van de eerste maand
waarin je geen recht meer hebt op studiefinanciering. Je kunt
de kaart inleveren op ieder postkantoor herkenbaar aan de
OV-studentenkaartsticker en op ieder regiokantoor. Daar ontvang
je dan een inleverbewijs. Bewaar het inleverbewijs vijf jaar:
het kan namelijk gedurende deze periode als bewijsstuk worden
opgevraagd. Wanneer je de kaart te laat inlevert en dus onterecht
in je bezit hebt, kost dat je € 68,- per halve maand. Sta
je ingeschreven aan een hogeschool of universiteit in het
buitenland, of ga je voor een stage naar het buitenland? Of
woon je in het buitenland en studeer je in Nederland? Dan
kan dat gevolgen hebben voor je OV- studentenkaart of het
afhalen daarvan. Je kunt kiezen tussen een OV- vergoeding,
of het behouden van je kaart. Wanneer je in het buitenland
woont en in Nederland studeert kun je aangeven bij welk grenspostkantoor
je de kaart wilt afhalen. De volgende formulieren zijn belangrijk
om dit soort dingen te regelen: - Kaart Buitenland (KB) -
OV-vergoeding Buitenland (OB) Uitgebreidere informatie over
dit onderwerp is te vinden op www.ib-groep.nl
[omhoog]
Studiefinanciering
en bijverdienen
Als je studiefinanciering krijgt mag je in 2005 € 10.461,66
netto per jaar verdienen zonder dat dit gevolgen heeft voor
je studiefinanciering (in 2006 is dat € 10.527,57). Als
je meer verdient dan heeft dit dus wel consequenties voor
je studiefinanciering.
Tips
- Stop je financiering met ingang van de maand waarin je de
grens van € 10.461,66 overschrijdt. Vergeet niet om vanaf
januari weer studiefinanciering aan te vragen.
- Lever je OV-studentenkaart op tijd in. Wanneer en hoe kun
je lezen op je achterzijde van de kaart.
De IB-Groep wisselt jaarlijks gegevens uit met de Belastingdienst.
Als je meer hebt verdiend en je hebt je studiefinanciering
niet stopgezet, dan moet het bedrag dat je verdiend hebt boven
de grens van € 10.461,66 terugbetalen aan de IB- Groep. Natuurlijk
hoef je nooit méér terug te betalen dan je in het betreffende
kalenderjaar ontvangen hebt aan beurs en aanvullende beurs.
Verder moet je € 76,48 betalen (met terugwerkende kracht)
voor elke maand dat je de OV-studentenkaart in je bezit had
plus een bedrag aan rente.
[omhoog]
Studiefinanciering:
terugbetalen studieschuld
Je hebt een studieschuld opgebouwd, omdat je:
- tijdens jouw opleiding een rentedragende lening of een
renteloos voorschot hebt ontvangen
- te veel studiefinanciering hebt ontvangen: dit heb je
niet meteen terugbetaald en later is het omgezet in een lening
(met rente)
Deze schuld(en) moet je terugbetalen nadat de opleiding is
beëindigd, of wanneer het recht op studiefinanciering is vervallen.
Er is een aanloopfase en een aflosfase. De aanloopfase is
een periode van twee jaar. In deze periode hoef je niet te
betalen, maar het mag natuurlijk wel. De periode van terugbetaling
start op 1 januari volgend op de einddatum van de opleiding
of het recht op studiefinanciering. Er wordt wel rente berekend
over de lening. In sommige gevallen begint de aanloopfase
later: - Je hebt je opleiding afgerond of beëindigd en bent
daarna een deeltijd opleiding of een studie aan de Open universiteit
gaan volgen. - Je onderbreekt voor een aantal maanden de studiefinanciering
in het kader van je duale opleiding. De aanloopfase begint
dan pas nadat je opleiding is beëindigd of afgerond. Ook kan
het zijn dat je opnieuw een opleiding bent gestart in de aanloopfase.
De aanloopfase wordt onderbroken als je begint met deze opleiding.
Zodra je die hebt beëindigd of afgerond, wordt de aanloopfase
hervat. Na de aanloopfase begint de aflosfase die in principe
vijftien jaar duurt, en waarin je de schuld moet terugbetalen.
Die schuld vervalt na het verstrijken van de aflosfase van
vijftien jaar. Dit geldt niet als je een lager maandbedrag
hebt betaald door draagkrachtmeting, of als je een achterstallige
schuld hebt bij de IB-Groep. In deze gevallen moet er langer
terugbetaald worden.
Het minimaal terug te betalen bedrag voor een lening is onder
normale omstandigheden € 45,41 per maand. Je kunt in aanmerking
komen voor verlaging van het maandbedrag als het inkomen te
laag is om het maandbedrag te betalen. In dat geval kan er
om een draagkrachtmeting gevraagd worden. Aan de hand van
het huidige inkomen wordt gekeken hoeveel er daarvan gemist
kan worden voor de afbetaling. Dat kan minder zijn dan het
in eerste instantie vastgestelde maandbedrag! In het tweede
jaar van de aanloopfase krijg je vanzelf bericht over het
aanvragen van draagkrachtmeting. Je kunt altijd eerder en
meer betalen dan je verplicht bent, maar maandbedragen kun
je niet vooruit betalen. Tenzij je de hele studieschuld in
één keer wilt aflossen. Informeer bij de IB-Groep hoe hoog
jouw schuld is. Als je opnieuw gaat studeren heb je tijdens
je opleiding geen betalingsverplichting over de bestaande
schuld van een vorige opleiding. Voorwaarde is wel dat je
voor je nieuwe opleiding aanspraak kunt maken op studiefinanciering
(met uitzondering van deeltijdstudies, duale studies en studies
aan de Open Universiteit). De aanloopfase wordt weer hervat,
of je begint weer met terugbetalen, als de opleiding is beëindigd
of afgerond, of als je recht op studiefinanciering is vervallen.
Wijzigingen in je gegevens moet je doorgeven met het formulier
Wijzigingen Debiteur (Wd).
[omhoog]
Belangrijke adressen
en telefoonnummers
IB-Groep Infolijn: 050-5997755 (ma-vr 9.00 - 18.00)
Internetsite: www.ib-groep.nl
E-mail: vragen@ib-groep.nl
Fax: 050-5999850
Postadres: Postbus 50101, 9702 GA Groningen
Of informeer bij een regiokantoor.
Adressen van regiokantoren & servicepunten vind je op
de site van de ib-groep onder het kopje contact.
Klachten
Ben je het niet eens met een beslissing van de IB-Groep, stuur
dan binnen zes weken na de datum van de beslissing een bezwaarschrift
naar:
Informatie Beheer Groep Afdeling Bezwaar en Beroep
Postbus 50081
9702 EA Groningen
Heb je een klacht over de dienstverlening van de IB-Groep
of over een medewerker, maak dan gebruik van de klachtenregeling
door een klachtenkaart in te vullen en op te sturen naar de
IB-Groep. Je kunt natuurlijk ook een brief sturen naar:
Klachtenfunctionaris IB-Groep
Antwoordnummer 392
9700 VB Groningen
Als je klacht door de IB-Groep is afgehandeld maar je bent
nog niet tevreden, dan kun je terecht bij:
Nationale Ombudsman
Postbus 93122
2509 AC Den Haag
Tel: 0800 - 335 55 55
www.nationaleombudsman.nl
bureau@nationaleombudsman.nl
[omhoog]
|